Proefresultaten ziektebestrijding wintertarwe 2025

Er werden drie bladziektebestrijdingsproeven aangelegd in 2025:Zwevegem (Sint-Denijs) in de provincie West-Vlaanderen, Lennik in de provincie Vlaams-Brabant en Tongeren in de provincie Limburg.

Bij de interpretatie van de proefresultaten dient rekening gehouden te worden met de ziektedruk in het proefveld. Het resultaat van een welbepaalde behandeling hangt immers in belangrijke mate af van de aanwezige ziektedruk (aard van de ziekten, tijdstip van de infectie en bezettingsgraad). In de schaal rechts van de grafiek is de aanwezigheid van de verschillende bladziekten te lezen, waarbij ‘9’ staat voor ‘geen aanwezigheid’.

Beproefde bladbehandelingen

De vermelding van handelsnamen is louter ter voorbeeld. Er zijn meerdere handelsproducten beschikbaar op de markt. Raadpleeg hiervoor je leverancier of zoek de actieve stof op via Fytoweb of de Gewasbeschermingsapp van Inagro.

Behandelingen op basis van prothioconazool
Handelsnaam (dosis/ha)Werkzame stof (g/ha)
Patel 250 EC 0,6 lprothioconazool 150
Fandango Pro 1,5 lprothioconazool 150 + fluoxastrobine 75
Amistar Era 1 lprothioconazool 150 + azoxystrobine 200
Velogy Era 1 lprothioconazool 150 + benzovindiflupyr 75
Ascra Xpro 1,2 lprothioconazool 150 + bixafen 78 + fluopyram 78
Navura 1,5 lprothioconazool 150 + mefentrifluconazool 75
Behandelingen op basis van mefentrifluconazool
Handelsnaam (dosis/ha)Werkzame stof (g/ha)
Lenvyor 1,5 l     mefentrifluconazool 150
Balaya 1,5 lmefentrifluconazool 150 + pyraclostrobine 150
Revystar Gold 1,5 l  mefentrifluconazool 150 + fluxapyroxad 75
Lenvyor 1 l + Priaxor 1 lmefentrifluconazool 100 + fluxapyroxad 75 + pyraclostrobine 150
Revyflex Trio 1,5 lmefentrifluconazool 99,9 + metrafenone 150 + pyraclostrobine 120
Behandelingen op basis van fenpicoxamid
Handelsnaam (dosis/ha)Werkzame stof (g/ha)
Aquino 1,5 lfenpicoxamid 75
Univoq 1,5 lfenpicoxamid 75 + prothioconazool 150
Aquino 1,35 l + Elatus Plus 0,66 lfenpicoxamid 67,5 + benzovindiflupyr 66
Univoq 1,2 l + Elatus Plus 0,66 lfenpicoxamid 60 + prothioconazool 120 + benzovindiflupyr 66
Univoq 1,2 l + Imtrex 1,25 lfenpicoxamid 60 + prothioconazool 120 + fluxapyroxad 78,125

Resultaten van seizoen '24-'25

Klik om de tabel te vergroten


Conclusies

Op alle locaties was de druk van roesten en bladvlekkenziekte eerder matig. Hierdoor zijn de opbrengstverschillen kleiner dan in jaren met zware ziektedruk. Ten opzichte van onbehandeld is er een duidelijke meeropbrengst, maar tussen de fungicideschema’s zijn de verschillen beperkt.

Solo middelen

De fungiciden op basis van triazolen (prothioconazool & mefentrifluconazool) en fenpicoxamid blijven zeer performante middelen. De behandelingen met solo prothioconazool scoren op alle locaties consistent hoog in opbrengst t.o.v. onbehandeld. Ook middelen op basis van enkel mefentrifluconazool (o.a. Lenvyor, Revystar Gold) scoren goed, met de hoogste gemiddelde opbrengsten over de drie locaties. Fenpicoxamid geeft ook een voldoende bescherming, maar presteert vooral goed in jaren met een hoge aanwezigheid van septoria. Deze actieve stof heeft namelijk een zeer goede werkzaamheid tegen deze schimmel. 

Complete schema's

De combinaties met triazolen (triazool + SDHI of QiI) doen het even goed of beter dan de solo-toepassingen qua opbrengst. De SDHI’s en strobilurines verbeteren het ziektebeeld, door een bredere werking. Tussen de verschillende fungicidestrategieën onderling waren de opbrengstverschillen echter beperkt. Afgelopen seizoen kende een lage ziektedruk. Zodra een voldoende beschermingsniveau bereikt is, leidt het toevoegen van extra werkzame stoffen (SDHI’s of strobilurines) slechts tot een beperkte verdere verbetering van het ziektebeeld, zonder consistente meeropbrengst. Complexe mengsels kunnen hun meerwaarde hebben in situaties met hogere ziektedruk en gevoelige rassen. Inzake resistentiemanagement zijn de combinaties ook een goede keuze, want ze wisselen werkingsmethodiek af.

Bij een lagere ziektedruk, zoals afgelopen seizoen in deze proef is het echter economisch verstandiger te focussen op correcte timing en een sterke basiswerking, eerder dan op een grote complexiteit van het schema. Extra actieve stoffen leveren vooral zekerheid en een beter uitzicht, maar geen structurele meeropbrengst.

Qua resistentiemanagement is het solo toepassen van actieve stoffen niet aangeraden. Naast een langere en bredere werking van het schema, worden daarom steeds combinaties van types geadviseerd.

Proefomstandigheden