Wat is herbicidenresistentie?

Herbicidenresistentie treedt op wanneer bepaalde onkruiden niet meer kunnen beheerst worden met een onkruidmiddel, dat onder normale omstandigheden wel effectief zou moeten zijn. Na verloop van tijd kan een onkruidpopulatie het vermogen ontwikkelen om de toepassing te overleven door natuurlijke selectie. Deze eigenschap is genetisch. Het kan dus worden doorgegeven aan de volgende generaties. Om te bevestigen of het om resistentie gaat, kan het onkruid getest worden onder labo-omstandigheden.

Grassonkruiden lopen een hoger risico om resistentie te ontwikkelen, vanwege de grotere zaadproductie en een herhaalde blootstelling aan middelen met een gelijkend werkingsmechanisme. Het probleem ontwikkelt zich dan ook sneller in intensieve akkerbouwsystemen.

In onderstaande foto’s is in de onbehandelde potten de normale onkruidgroei te zien, telkens de linkse rij. In het eerste voorbeeld heeft het herbicide het onkruid succesvol bestreden, wat aangeeft dat de populatie gevoelig is. Bij populatie 2 is er weinig verschil tussen onbehandeld en behandeld. Wat aantoont dat het onkruidmiddel geen werking meer heeft tegen deze populatie. Er is dus resistentie opgebouwd.

Verschil tussen een gevoelige en resistente populatie (klik om te vergroten)ADAS


Wat vergroot het risico op resistentie?

Volgende praktijken zorgen voor een sterke selectiedruk, waardoor resistente onkruiden zich kunnen ontwikkelen:

  • Herhaald gebruik van dezelfde types onkruidmiddelen
  • Meerdere toepassingen van herbiciden in het groeiseizoen
  • Sterke afhankelijkheid van chemische middelen met beperkte gewasrotatie of alternatieve methodes

Waarom is resistentie een probleem?

  • Resistentie maakt onkruid beheersen duurder en complexer
  • Het heeft een directe impact op gewasopbrengst en -kwaliteit
  • Het beperkt de doeltreffendheid van gewasrotatie, ook al is vruchtafwisseling één van de belangrijkste strategieën om resistentie te voorkomen
  • Verschillende niet-chemische alternatieven, zoals mechanische en elektrische bestrijding, zijn op dit moment nog niet haalbaar op grote schaal in akkerbouwsystemen
  • Resistentie is permanent – van zodra het voorkomt in een populatie, zal het niet meer verdwijnen, ook al wordt het bewuste herbicide niet meer gebruikt
  • Het is een direct gevolg van het overmatig gebruik van herbiciden.

De rol van resistentie en geïntegreerd onkruidbeheer

De snelle ontwikkeling van herbicidenresistentie benadrukt het probleem van de grote afhankelijkheid van chemische onkruidbestrijding.

Het gebruik van niet-chemische bestrijdingsmaatregelen, zoals brede gewasrotatie, uitgestelde zaai en mechanisch onkruidbeheersing zijn essentieel om bestaande resistentie in het perceel te beheersen, maar ook om verdere resistentie van grasonkruiden te voorkomen.





Dit onderzoek maakt deel uit van het project Grassweeds, medegefinancierd door het Initiatief voor Kleinschalige projecten van het Comité van de Kanaalzone aan de Noordzee door Provincie West-Vlaanderen (BE), Provincie-Oost-Vlaanderen (BE), Provincie Zeeland (NL), Département du Pas-de-Calais (FR), en Kent County Council (UK).